Dubbele fiscale vestigingsplaats

De dubbele fiscale vestigingsplaats bij ondernemingen

De internationale mobiliteit van ondernemers, bestuurders en kapitaalstructuren neemt sterk toe. Ondernemingen opereren steeds vaker grensoverschrijdend, met bestuur, aandeelhouders en activiteiten verspreid over meerdere landen. In deze context ontstaat regelmatig een onderschat maar wezenlijk fiscaal risico: de dubbele fiscale vestigingsplaats van een onderneming.

Wanneer twee staten een onderneming gelijktijdig als fiscaal inwoner aanmerken, kan dit leiden tot dubbele belastingheffing, verlies van verdragsbescherming en langdurige discussies met belastingautoriteiten. In dit artikel wordt uiteengezet hoe een dubbele fiscale vestigingsplaats ontstaat, hoe Nederland dit juridisch benadert, welke rol de vestigingsplaatsfictie speelt en hoe het verdragsrecht een oplossing biedt.

Wat is de fiscale vestigingsplaats van een onderneming?

De fiscale vestigingsplaats bepaalt in welk land een onderneming belasting moet betalen. Elk land hanteert hiervoor eigen criteria op basis van nationaal recht. Omdat deze criteria niet internationaal zijn geharmoniseerd, kan één onderneming gelijktijdig inwoner zijn van meerdere staten.

Dit onderscheid tussen nationaal recht en verdragsrecht is essentieel. De vaststelling van de vestigingsplaats vindt eerst plaats op grond van nationale wetgeving. Pas wanneer een belastingverdrag van toepassing is, wordt een eventueel conflict opgelost via verdragsbepalingen.

Nederlandse wettelijke grondslag voor vestigingsplaats

Vestigingsplaats naar nationaal Nederlands recht

Artikel 4 Algemene wet inzake rijksbelastingen bepaalt waar iemand woont voor Nederlandse fiscale doeleinden. Het betreft een open norm waarbij de woon- en vestigingsplaats worden vastgesteld aan de hand van het geheel van feiten en omstandigheden.

Dit uitgangspunt werkt door bij de beoordeling van de vestigingsplaats van ondernemingen, zolang geen wettelijke fictie van toepassing is.

Van belang is dat naar Nederlands nationaal recht geen enkel criterium wettelijk doorslaggevend is aangewezen. De plaats van feitelijke leiding kan een relevant aanknopingspunt zijn, maar is niet exclusief of automatisch beslissend. Ook andere factoren, zoals oprichting, bestuur, organisatie en economische verankering, kunnen een rol spelen (zie ook dit artikel van de Belastingdienst).

De Nederlandse vestigingsplaatsfictie

Naast deze open norm kent Nederland een expliciete vestigingsplaatsfictie. Op grond van artikel 2, vijfde lid, Wet op de vennootschapsbelasting 1969 wordt een lichaam dat naar Nederlands recht is opgericht, geacht in Nederland te zijn gevestigd.

Deze fictie geldt ongeacht waar de dagelijkse leiding, het bestuur of de feitelijke aansturing plaatsvindt. Nederland neemt hierdoor onbeperkte belastingplicht aan op basis van oprichting alleen. Juist deze fictie is in internationale structuren een veelvoorkomende oorzaak van dubbele fiscale vestigingsplaats.

Hoe ontstaat een dubbele fiscale vestigingsplaats?

Een dubbele fiscale vestigingsplaats ontstaat wanneer twee staten gelijktijdig onbeperkte belastingplicht aannemen op basis van hun eigen nationale wetgeving. Dit doet zich onder meer voor in de volgende situaties:

  • Een naar Nederlands recht opgerichte vennootschap valt onder de Nederlandse vestigingsplaatsfictie, terwijl een andere staat haar als inwoner aanmerkt op basis van bestuur of management (of vice versa).
  • Bestuurders wonen en opereren structureel vanuit het buitenland, terwijl de vennootschap formeel in Nederland is opgericht.
  • Ondernemingsactiviteiten, bestuur en besluitvorming zijn verspreid over meerdere landen, waardoor meerdere staten voldoende aanknopingspunten zien.

Zonder belastingverdrag leidt dit rechtstreeks tot dubbele belastingheffing over dezelfde winst.

Fiscale gevolgen van een dubbele vestigingsplaats

De gevolgen van een dubbele fiscale vestigingsplaats zijn aanzienlijk:

  • Dubbele belastingheffing over de wereldwinst
  • Meervoudige aangifteplichten
  • Onzekerheid over toepasselijke fiscale regels
  • Beperkingen of verlies van verdragsvoordelen
  • Verhoogd risico op correcties, boetes en langdurige procedures

Voor ondernemingen kan dit leiden tot structurele fiscale inefficiëntie en verhoogde compliance-risico’s.

Oplossing via het belastingverdrag

Wanneer tussen de betrokken staten een belastingverdrag van toepassing is, wordt het heffingsrecht aan de hand daarvan bepaald. De meeste Nederlandse belastingverdragen zijn gebaseerd op het OESO-modelverdrag.

Tie-breaker voor rechtspersonen

Artikel 4 van het OESO-modelverdrag regelt situaties waarin een lichaam volgens het nationale recht van beide staten als inwoner wordt aangemerkt. In het huidige model is geen vaste hiërarchie meer opgenomen. In plaats daarvan bepalen de bevoegde autoriteiten in onderling overleg waar de onderneming voor verdragsdoeleinden wordt geacht te zijn gevestigd.

Bij dit onderlinge overleg (mutual agreement procedure, MAP) worden alle relevante feiten en omstandigheden meegewogen, waaronder:

  • Plaats van effectieve of feitelijke leiding
  • Plaats van oprichting
  • Locatie van het hoofdkantoor
  • Economische en juridische bindingen

De plaats van feitelijke leiding is hierbij een belangrijk verdragsrechtelijk criterium.

Praktische aandachtspunten voor ondernemers

Ondernemingen met internationale structuren doen er verstandig aan om proactief te handelen:

  • Breng de fiscale vestigingsplaats in kaart op basis van nationaal recht
  • Beoordeel expliciet de impact van de Nederlandse vestigingsplaatsfictie
  • Controleer of belastingverdragen van toepassing zijn
  • Analyseer het risico op een vestigingsplaatsconflict
  • Overweeg tijdig een MAP-procedure

Een onderbouwde vestigingsplaatsanalyse voorkomt kostbare discussies achteraf.

Waarom tijdig advies essentieel is

In de praktijk blijkt dat vestigingsplaatsdiscussies vaak pas ontstaan bij een belastingcontrole of herstructurering. Op dat moment zijn de feiten vaak al vastgelegd en is bijsturen beperkt mogelijk.

Taxzone Netherlands ondersteunt ondernemers bij het:

  • analyseren van fiscale vestigingsplaatsrisico’s;
  • beoordelen van internationale structuren;
  • toepassen van belastingverdragen;
  • begeleiden van overleg met de Belastingdienst.

Conclusie

De dubbele fiscale vestigingsplaats bij ondernemingen is een reëel risico binnen internationale structuren. De combinatie van nationale wetgeving, de Nederlandse vestigingsplaatsfictie en verdragsrecht vereist een zorgvuldige, feitelijke en juridisch correcte benadering.

Twijfel je of jouw onderneming mogelijk in meerdere landen als fiscaal gevestigd wordt aangemerkt? Neem tijdig contact op met Taxzone Netherlands voor een gerichte vestigingsplaatsanalyse en voorkom dubbele belasting en langdurige fiscale discussies.

mr. Christiaan Casper Tax advisor
Tax advisor at  | Web |  + posts

mr. C.A.W. Casper (Christiaan)
Owner Taxzone Netherlands
c.casper@taxzonenetherlands.nl