Substance requirements in Nederland

Nederlandse substance-eisen: Let op bij internationale structuren

Internationale ondernemingen maken regelmatig gebruik van Nederlandse vennootschappen binnen hun groepsstructuur. Nederland beschikt over een uitgebreid belastingverdragennetwerk, een stabiel ondernemingsklimaat en een internationaal georiënteerd fiscaal systeem. De onderneming moet daadwerkelijk in Nederland zijn gevestigd om van verdragsvoordelen gebruik te kunnen maken. De Belastingdienst kijkt steeds kritischer naar één onderwerp: substance.

Een Nederlandse vennootschap zonder voldoende economische aanwezigheid loopt fiscale risico’s. Denk aan discussies over fiscale woonplaats, het weigeren van verdragsvoordelen, spontane gegevensuitwisseling met buitenlandse belastingdiensten of verhoogde controle op internationale structuren.

In dit artikel leggen wij uit wat de Nederlandse substance-eisen zijn, waarom deze belangrijk zijn en welke fiscale gevolgen kunnen ontstaan wanneer onvoldoende substance aanwezig is.

Wat wordt bedoeld met substance?

Substance betekent feitelijke aanwezigheid. Het gaat om de vraag of een onderneming daadwerkelijk economische activiteiten verricht in Nederland (‘economische nexus’), of dat de Nederlandse vennootschap vooral formeel bestaat.

Bij de beoordeling kijkt de Belastingdienst niet uitsluitend naar juridische documenten, maar vooral naar de praktische werkelijkheid. Waar worden besluiten genomen? Waar bevindt het bestuur zich? Waar wordt de administratie gevoerd? En waar worden de ondernemingsactiviteiten daadwerkelijk aangestuurd?

Juist bij internationale holdings, financieringsmaatschappijen en IP-structuren speelt substance een belangrijke rol.

Waarom zijn substance-eisen belangrijk?

De Nederlandse substance-eisen zijn vooral relevant in internationale situaties. De aanwezigheid van voldoende substance kan onder meer van belang zijn voor:

  • Het verkrijgen van zekerheid vooraf via een ruling;
  • De toepassing van belastingverdragen;
  • De beoordeling van de fiscale woonplaats;
  • De beoordeling van internationale concernstructuren;
  • Het beperken van fiscale risico’s en discussies met buitenlandse belastingdiensten.

In de praktijk geldt: hoe internationaler en complexer de structuur, hoe belangrijker een goed onderbouwde aanwezigheid in Nederland wordt.

De Nederlandse minimum substance-eisen

De Nederlandse overheid heeft verschillende minimumvoorwaarden gepubliceerd die in internationale structuren relevant kunnen zijn. Deze minimumvoorwaarden zijn benodigd voor het verkrijgen van een ruling. Hoewel de beoordeling altijd afhankelijk blijft van feiten en omstandigheden, wordt vaak gekeken naar de volgende factoren (bijlage bij besluit DGB 2014/3099):

  • Ten minste de helft van het totaal aantal statutaire en beslissingsbevoegde bestuursleden woont of is feitelijk gevestigd in Nederland.
  • De in Nederland wonende of gevestigde bestuursleden beschikken over de benodigde professionele kennis om hun taken naar behoren uit te voeren.
  • Het lichaam beschikt over gekwalificeerd personeel voor de adequate uitvoering en registratie van de door het lichaam af te sluiten transacties
  • De bestuursbesluiten worden in Nederland genomen.
  • De belangrijkste bankrekeningen van het lichaam worden in Nederland aangehouden
  • De boekhouding wordt in Nederland gevoerd.
  • Er is aan alle aangifteverplichtingen voldaan. Dit kan gaan om Vpb, LB, OB, etc.
  • Het vestigingsadres van het lichaam is in Nederland. Het lichaam wordt, naar beste weten van de vennootschap, niet (tevens) in een ander land als fiscaal inwoner beschouwd.

Deze factoren vormen geen absolute checklist waarbij één enkel element doorslaggevend is. Uiteindelijk blijft het totaalbeeld bepalend.

Feitelijke leiding en fiscale woonplaats

Een belangrijk onderdeel van substance is de plaats van feitelijke leiding.

Naar Nederlands fiscaal recht wordt gekeken waar de werkelijke leiding van de onderneming zich bevindt. Hierbij spelen feiten en omstandigheden een doorslaggevende rol. Niet alleen formele bestuurdersbesluiten zijn relevant, maar ook de vraag waar de strategische aansturing daadwerkelijk plaatsvindt.

Wanneer een Nederlandse vennootschap in werkelijkheid vanuit het buitenland wordt aangestuurd, kan discussie ontstaan over de fiscale woonplaats. Dat kan leiden tot dubbele belastingheffing, verdragsconflicten of buitenlandse belastingplicht.

Risico’s bij onvoldoende substance

Onvoldoende substance kan verschillende fiscale gevolgen hebben.

Verhoogd risico op internationale discussies

Buitenlandse belastingdiensten beoordelen steeds vaker of Nederlandse vennootschappen daadwerkelijk economische aanwezigheid hebben. Zeker bij holding- of financieringsstructuren kan discussie ontstaan over de vraag of Nederland wel terecht verdragsvoordelen toepast.

Verlies van verdragsvoordelen

In sommige situaties kunnen belastingverdragen worden geweigerd wanneer onvoldoende economische aanwezigheid bestaat. Hierdoor kan bronbelasting ontstaan op dividenden, rente of royalty’s.

Spontane gegevensuitwisseling

Wanneer de Belastingdienst twijfels heeft over de substance van een structuur, kunnen gegevens internationaal worden uitgewisseld met buitenlandse belastingautoriteiten.

Verhoogde kans op controles

Internationale structuren zonder duidelijke economische aanwezigheid trekken vaker de aandacht van belastingdiensten. Dit kan leiden tot aanvullende vragen, informatieverzoeken of langdurige procedures.

Substance is meer dan alleen een checklist

In de praktijk ontstaat regelmatig het misverstand dat substance uitsluitend draait om formele eisen, zoals een Nederlandse bestuurder of een lokaal kantooradres.

De fiscale beoordeling gaat echter verder. Belastingdiensten kijken steeds vaker naar de daadwerkelijke economische realiteit van de structuur. Heeft de Nederlandse vennootschap eigen functies? Worden daadwerkelijk risico’s gedragen? Is er voldoende besluitvorming en operationele betrokkenheid in Nederland?

Een papieren structuur zonder reële aanwezigheid wordt internationaal steeds minder geaccepteerd.

Praktische aandachtspunten voor ondernemingen

Ondernemingen met internationale structuren doen er verstandig aan om hun substance periodiek te beoordelen.

Denk daarbij onder meer aan:

  • De samenstelling van het bestuur;
  • De locatie van bestuursvergaderingen;
  • De boekhouding;
  • De vastlegging van besluitvorming;
  • De aanwezigheid van economische activiteiten;
  • De verhouding tussen functies, risico’s en kapitaal;
  • De kwaliteit van de administratieve vastlegging.

Een goede documentatie en consistente uitvoering zijn essentieel.

Conclusie

De Nederlandse substance-eisen spelen een steeds grotere rol binnen het internationale belastingrecht. Niet alleen de Nederlandse Belastingdienst, maar ook buitenlandse belastingautoriteiten beoordelen kritischer of een onderneming daadwerkelijk economische aanwezigheid heeft.

Internationale structuren zonder voldoende substance kunnen leiden tot verdragsproblemen, dubbele belastingheffing en langdurige discussies met belastingdiensten.

Een zorgvuldige analyse van de feitelijke activiteiten, bestuursstructuur en fiscale positie blijft daarom essentieel. Wil je advies met betrekking tot jouw stuctuur? Neem dan contact met ons op.

Tax advisor at  | Web |  + posts

mr. C.A.W. Casper (Christiaan)
Owner Taxzone Netherlands
c.casper@taxzonenetherlands.nl